Het leven is te kort om alleen maar serieus te nemen. Wat niet wil zeggen dat ik niet serieus genomen wil worden. Toch vind je in deze categorie vooral berichten voor de leuk en veelal zonder een zwaarmoedige boodschap. Voor lichtvermaak en soms zelfs een glimlachje moet je hier zijn.
Bij halfom dacht ik tot afgelopen zaterdag vooral aan gemengd gehakt (rund- & varkensvlees), maar het blijkt ook een mix van bier te zijn. Oud-bruin wordt bij pilsener gegoten om de bittere smaak te verzachten. Vooral in Limburg wordt het nog zo gedronken en laat ik daar op een ‘fiëst’ zijn geweest.
In de pauze van de theatervoorstelling ‘Geen Paniek’ vroegen mijn vrouw en ik ons af of wij het de voorstelling wel waard vonden. We hadden 42 euro betaald voor dit psychiatrische cabaret van Bram Bakker en Marjolein van Kooten. “Ach,” verzuchtte ik: “We hoeven in elk geval geen oppas te betalen.”
Bij mij is er altijd een ‘ja maar’. Het lukt mij nooit om tevreden te zijn. Geluk is jezelf schikken in je lot; het accepteren dat het is zoals het is. Ik denk dan toch: ‘Als ik dat zou kunnen dan zou ik van daaruit weer verder kunnen groeien.’ Mijn psychiater merkte terecht op: “En dan accepteer je de situatie waarin jij je verkeert dus al niet.” Dit brengt mij bij mijn blog/column: ‘Is het juist niet goed als ik niet schrijf?’
Ik verzucht met enige regelmaat: ‘In welke wereld leef ik toch?’ Het hoeft dan niet eens zo te zijn dat ik me erger aan het leed dat wij elkaar aandoen. Niet dat ik mij dat koud laat, maar soms ben ik gewoon zo murw – afgestompt – dat het niet binnenkomt. Ik bedoel dat de wereld gewoon te snel voor mij gaat.
In Oss maken inwoners van de wijk Krinkelhoek zich druk over de komst van vier vreemdelingen met een verblijfstatus. Ik erger me aan de protesten. Toch blijk ik ook niet zo ruimdenkend als ik vaak beweer. De in mijn omgeving gevestigde vreemdelingen lopen mij namelijk danig in de weg.
Nederland loopt graag in de voetsporen van de Verenigde Staten. Vaak is het weinig hoopgevend om voor de 51e staat van Amerika door te gaan. De kloof tussen arm en rijk is gigantisch, zo was afgelopen week weer eens te zien in Nieuwsuur. Vaak vind ik dat Amerika haar tradities mag houden. Uitzondering hierop vormt het door Twan Huys naar Nederland gehaalde Correspondents’ Dinner. Dat mag van mij best een blijvertje zijn, maar dan wel met het juiste publiek.